Naar Death Valley

 “Naar Death Valley? Daar is niks, alleen maar woestijn”. Het is duidelijk, de eigenaresse van de camping in Bishop kan zich voor toeristen een betere bestemming indenken dan deze droge en desolate plek. Maar juist die vele hectaren verlatenheid, de weidsheid en de leegheid maken dit Nationale Park voor ons – en die andere toeristen – interessant.


12 oktober, donderdag

Death Valley

We komen Death Valley binnen vanuit het Westen over Highway 190 en dat betekent eerst een flinke pas over en dan alsmaar dalen naar het laagste punt op aarde. Mijlen lang rijden we door een ogenschijnlijk leeg landschap, waarin bruin/rode bergen overgaan in bruine aarde met wat groene vegetatie en hier en daar omhoog schietende joshua trees. Het felle zonlicht laat de kleuren verbleken tot een vaal roze en grijs, dat weer wordt afgewisseld met bijna zwarte rotsen en stenen. 





Stovepipe Wells, kleine nederzetting, midden op de vlakte, met General Store


Soms lijkt het of we langs enorme hopen steenkool, erts of hoogovenslakken rijden. De weg golft er als een smalle asfaltstrook doorheen, waarbij de auto’s in de enorme weidsheid tot het formaat van dinky-toys slinken. 


Net als in Yosemite is het ook in Death Valley onmogelijk om de sfeer, de verlatenheid en de uitgestrektheid van het landschap op foto’s vast te leggen. 

We krijgen het al rijdend ook steeds warmer. Waar we ’s morgens vroeg in Bishop nog de kachel hebben aangestoken, is de temperatuur in de oase van Furnace Creek opgelopen tot 36 graden. We zetten dan ook graag de stoeltjes buiten, aan het einde van de middag op de camping van het National Park, achter het Visitor Centre. Overigens is het om half zeven al donker maar genieten we tot laat in de avond van de koelte, de stilte, de echte duisternis  en de sterren. 


Rijden naar de horizon

Eerder op de dag hebben we vanaf Bishop Highway 395 gevolgd, verder naar het zuiden. Een weg, die ons een echt Amerikaans gevoel geeft: een brede strook asfalt naar de horizon, met rechts van ons de bergen van de Sierra Nevada en links die van . Aan beide kanten tussen de bergen en de weg een brede strook woestijn met taaie bosjes begroeiing. Naast de weg de eindeloze rij houten palen met elektriciteitsdraden. We zien de plaatjes uit de Donald Duck voor ons. In de cabine komen de hier zo passende countrysongs van Johnnie Cash en Dolly Parton uit de luidsprekers en zo zoeven we voort. 



Highway 395, de toppen van de Sierra Nevada op de achtergrond



Stukje geschiedenis over kamp Manzamar 

We stoppen bij Manzamar Historic Site en horen daar in het bezoekerscentrum van een stukje donkere Amerikaanse geschiedenis, dat we amper kenden. Voor Wereldoorlog II was er in Amerika een antistemming tegen Japanners, die in de decennia ervoor naar Amerika waren geëmigreerd, in de hoop daar een beter leven op te bouwen. Geïntegreerd en wel voelden zij zich Amerikaan, terwijl Europese Amerikanen, bang voor hun banen, vonden dat zij ‘terug naar hun land moesten’. 



Na de inval op Pearl Harbour in december 1941 zorgden die anti-Japanse gevoelens ervoor, dat Japanners werden gewantrouwd. Op bevel van president Roosevelt moesten alle mensen met een Japanse achtergrond – ook al hadden zij de Amerikaanse nationaliteit, waren zij merendeels in Amerika geboren en voelden zij zich Amerikaans - uit de aan de Grote Oceaan grenzende staten hun huis en haard verlaten en werden zij ondergebracht in kampen, verder landinwaarts. “We hadden het uiterlijk van de vijand en werden behandeld als de vijand”, aldus een van de betrokkenen op een film over het kamp. 
De barakken zijn allang afgebroken. Een gemeenschappelijk gebouw, nu bezoekerscentrum, staat er nog. 

In totaal werden zo 120.000 Japans-Amerikanen meer dan drie jaar lang in interneringskampen vastgehouden. Manzanar huisvestte zo’n 10.000 mannen, vrouwen en kinderen in kleine barakken, zonder veel privacy. De mensen kregen te eten en kleding, kinderen gingen naar school maar iedereen zat wel achter prikkeldraad.

Na de oorlog bleek geen enkele Japanse Amerikaan schuldig te zijn aan spionage, sabotage of collaboratie. Iedereen was weer vrij om te gaan en zo goed en zo kwaad mogelijk het leven weer op te pakken en een bestaan op te bouwen. President Reagan heeft uiteindelijk een besluit ondertekend, waarin de Amerikaanse overheid toegaf dat deze internering fout was. 

Het is een geschiedenis, die indruk op ons maakt en angstige overeenkomsten heeft met gevoelens en ideeën die tegenwoordig leven. 


Overnacht: Eenvoudige campsite van het National Park, achter het bezoekerscentrum in Furnace Creek. Nu nog first come – first serve maar vanaf 15 oktober  (hoogseizoen in Death Valley) op reservering. Prijs nu 16 dollar. 


Nog meer Death Valley


13 oktober, vrijdag 

We brengen nog een halve dag door in Death Valley en nemen kort na Furnace Creek de afslag naar Badwater, de enorme zoutvlakte in het park en tegelijk het laagste punt op het Westelijk Halfrond.  Bij een eerder bezoek aan Death Valley hebben we vanaf het Zabriksky Point deze zoutvlakte in de verte zien liggen; nu gaan we er naar toe. We zijn vroeg op de dag maar toch vervagen de bergen op de achtergrond al in het felle zonlicht.


Badwater zoutvlakte

Badwater is een wonderlijke vlakte, waar de zoutkristallen grillige patronen hebben gemaakt op de stenige ondergrond. Het is in de ochtend nog redelijk koel maar hier wil je echt niet op een warme zomerdag wandelen. Ook nu voelen we de zon al branden en weerkaatsen. De uitgestrektheid van het geheel maakt iedereen op het pad vanaf de parkeerplaats naar de zoutvlakte wel heel klein en nietig. En wonderlijk genoeg groeien er aan de rand van dit ogenschijnlijk droge en dorre gebied toch nog wat dappere planten. 
Patronen van zout op de steenachtige bodem


Mensen zijn klein en nietig op de enorme zoutvlakte

Ook hier is de witte neerslag geen sneeuw maar zout.


Oase, vlakbij Furnace Creek

Golden Canyon

Op de terugweg richting Furnace Creek maken we ook nog een wandeling door de Golden Canyon. Het uitzicht is hier weer heel anders. Geen vlakte meer maar een redelijk nauwe kloof, waaruit rotsen oprijzen, waarvan de wanden in de zon en schaduw rode en gele tinten laten zien. Prachtig en indrukwekkend. 




Golden Canyon Death Valley

We rijden het park uit en gaan via Death Valley Junction in een goede drie uur op weg naar Las Vegas. Daar zetten we de camper neer op KOA- camping Sams Town aan Boulder boulevard. Er tegenover is een Walmart..

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen